Welk geheugen past in een Dell PowerEdge R630 of R730?

4 min lezen Bijgewerkt 17 september 2026

SK hynix HMA84GR7MFR4N-UH – 32GB DDR4-2400 ECC RDIMM

De Dell PowerEdge R630 (1U) en R730 (2U) zijn de 13e generatie PowerEdge-servers: twee sockets LGA2011-3, Intel Xeon E5-2600 v3 of v4, en 24 geheugensloten. Ze zijn nog steeds populair in homelabs en bij kleine bedrijven, precies omdat geheugen en processors er betaalbaar voor zijn. De keuze is alleen wat groter dan “een reepje DDR4 erbij”. Hieronder staat wat er past, wat het verschil maakt en waar het in de praktijk misgaat.

Wat past er in een R630 of R730?

Beide servers nemen uitsluitend DDR4 ECC-geheugen in twee smaken: Registered (RDIMM) en Load Reduced (LRDIMM). Gewoon desktopgeheugen (UDIMM zonder ECC) werkt niet, ook niet als het fysiek in het slot past.

 R630R730
Geheugensloten24 (12 per processor)24 (12 per processor)
Kanalen per processor4, met maximaal 3 modules per kanaal4, met maximaal 3 modules per kanaal
TypesRDIMM, LRDIMMRDIMM, LRDIMM
Modulegroottes RDIMM4 en 8 GB single rank; 8, 16 en 32 GB dual rank4 en 8 GB single rank; 8, 16 en 32 GB dual rank
Modulegroottes LRDIMM64 GB quad rank64 en 128 GB quad rank
Maximaal met RDIMM384 GB (1 cpu) / 768 GB (2 cpu)384 GB (1 cpu) / 768 GB (2 cpu)
Maximaal met LRDIMM768 GB (1 cpu) / 1,5 TB (2 cpu)1,5 TB (1 cpu) / 3 TB (2 cpu)
Bussnelheden1866, 2133 of 2400 MT/s1333 tot 2400 MT/s

Het grootste verschil tussen beide modellen zit dus in het maximum met LRDIMM: de R730 accepteert 128 GB-modules, de R630 niet.

RDIMM of LRDIMM: wat kies je?

Voor verreweg de meeste servers is RDIMM de juiste keuze. Het is goedkoper per gigabyte, heeft een iets lagere latency en gaat tot 768 GB in een dual-socket systeem — ruim voldoende voor virtualisatie met Proxmox of VMware, een databaseserver of een fileserver.

LRDIMM wordt pas interessant als je boven die 768 GB uit wilt, of als je alle 24 slots wilt vullen zonder snelheidsverlies. De bufferchip op een LRDIMM ontlast de geheugencontroller, waardoor drie modules per kanaal minder zwaar drukken. Je betaalt er wel voor: per gigabyte is LRDIMM duurder, en bij weinig modules is het juist iets trager.

Belangrijk: je mag RDIMM en LRDIMM niet mengen in dezelfde server. Kies één type en houd dat aan voor alle modules.

Hoe snel draait je geheugen werkelijk?

De snelheid op het label van de module is een maximum, geen garantie. Wat de bus uiteindelijk doet, is het laagste van drie dingen:

  • De processor. Een Xeon E5-2600 v3 gaat tot 2133 MT/s, een v4 tot 2400 MT/s. Zet je DDR4-2400-modules in een server met v3-processors, dan draaien ze op 2133.
  • Het aantal modules per kanaal. Met één of twee modules per kanaal haal je 2400 MT/s; bij drie modules per kanaal zakt de bus terug naar 1866 MT/s.
  • De traagste module. Meng je 2133- en 2400-modules, dan draait alles op 2133.

Praktische consequentie: 12 × 32 GB (384 GB, twee per kanaal) op 2400 MT/s is in de praktijk sneller dan 24 × 16 GB (eveneens 384 GB) op 1866 MT/s. Minder, grotere modules is bijna altijd de betere keuze.

In welke volgorde plaats je de modules?

De sloten heten A1 tot en met A12 (processor 1) en B1 tot en met B12 (processor 2). Vul ze in de volgorde die op het moederbord en in de handleiding staat: eerst A1, dan A2, enzovoort — Dell heeft de nummering zo gekozen dat je bij die volgorde automatisch alle vier de kanalen benut.

Twee vuistregels die veel problemen voorkomen:

  • Vul beide processors gelijk. In een dual-socket server hoort elke processor evenveel geheugen te krijgen. Alle modules in bank A steken betekent dat processor 2 zijn geheugen via processor 1 moet ophalen, wat merkbaar trager is.
  • Werk per vier. Vier modules per processor betekent één per kanaal en dus volledige bandbreedte. Zes of tien modules werkt wel, maar laat prestaties liggen.

Wat vaak misgaat

  • Mengen van moduletypen. RDIMM naast LRDIMM start niet op. Ook 1,35 V DDR3L-geheugen uit een oudere R620 past niet: 13e generatie is DDR4.
  • Bijprikken met een andere rank. Een dual rank-module naast een single rank-module in hetzelfde kanaal kan de snelheid verlagen. Koop bij uitbreiding bij voorkeur hetzelfde onderdeelnummer als wat er al in zit.
  • Verwachten dat v4-geheugen een v3-server sneller maakt. Dat gebeurt niet — de processor bepaalt het plafond. Andersom werkt wel: 2133-modules draaien prima in een v4-server, alleen dan op 2133.
  • BIOS vergeten. Ga je van v3- naar v4-processors, dan is meestal een BIOS-update nodig voordat de server opstart.

Wat wij adviseren

Voor een R630 of R730 met Xeon E5-2600 v4 is 32 GB DDR4-2400 ECC RDIMM het beste compromis tussen prijs, capaciteit en snelheid: acht modules geeft 256 GB op volle snelheid, en je houdt slots over om later te verdubbelen. Heb je v3-processors, kies dan 2133-modules — die zijn goedkoper en je verliest niets.

Alle modules die wij leveren zijn getest in een echte server (memtest) en komen met 6 maanden garantie. Weet je niet welk geheugen er nu in zit? Stuur ons de servicetag van je server, dan zoeken we het op voordat je bestelt.

Veelgestelde vragen

Past DDR3-geheugen uit een R620 in een R630?

Nee. De R620 is 12e generatie en gebruikt DDR3; de R630 en R730 zijn 13e generatie en gebruiken DDR4. De modules passen fysiek niet in elkaars sloten.

Mag ik RDIMM en LRDIMM in dezelfde server mengen?

Nee. Je kiest één type voor de hele server. Mengen van Registered en Load Reduced geheugen wordt niet ondersteund en de server start er meestal niet mee op.

Hoeveel geheugen kan er maximaal in?

Met RDIMM 768 GB bij twee processors. Met LRDIMM 1,5 TB in een R630 en 3 TB in een R730, omdat de R730 ook 128 GB-modules accepteert.

Werken DDR4-2400-modules in een server met Xeon v3?

Ja, maar ze draaien dan op 2133 MT/s. De processorgeneratie bepaalt het maximum: v3 gaat tot 2133 MT/s, v4 tot 2400 MT/s.

Moet ik alle sloten vullen voor de beste prestaties?

Nee, integendeel. Bij drie modules per kanaal zakt de bus naar 1866 MT/s. Acht of zestien grotere modules is meestal sneller dan vierentwintig kleine.

Past bij dit artikel

Bekijk al het servergeheugen